Efteling Miniaturen 2016 indische waterlelie

Vorige Artikel 19 van 52 Volgende
€ 40,40 € 29,00 (inclusief 21% BTW)
Aantal

13,5x10,5x10,5

 

meer weten of gewoon nieuwschierig ?? https://www.facebook.com/groups/1687451328138629/

 

De Indische waterlelies

Ver weg in India, in een oerwoud dat nimmer door mensenvoeten is betreden, lag een klein stil meer, als een geslepen blauw kristal. Op het meer dreven zeven waterlelies. In het oerwoud woonde een heks, die zó lelijk was, dat ze alleen 's nachts uit haar schuilplaats tevoorschijn durfde te komen.

Als de maan hoog aan de hemel stond, beklom de heks een kale rots in de nabijheid van het meer. Daarop keerde zij haar schrikwekkende gezicht naar de hemel, blikte een tijdlang star omhoog, verschool zich dan in een holle boomstam en begon te zingen. In tegenstelling tot haar afschuwelijke verschijning klonk haar gezang verschrikkelijk mooi.

Wanneer het volle maan was, daalde de Maanfee met haar gevolg van sterren op aarde neer. Dan dansten zij op de waterspiegel van het meer. Heel de lange nacht dansten de Maanfee en haar sterrenkinderen en waar hun voetjes het water raakten ontstonden zilveren kringetjes, die zich vermenigvuldigden, en wijder en wijder werden; om ten slotte tussen het riet te verdwijnen. Zo dansten zij, tot de morgenstond de maan deed verbleken. Hoe verder de nacht vorderde, hoe luider de heks zong. Het was haar echter nooit gelukt de Maanfee en haar kinderen in haar ban te krijgen.

Op een keer, toen de maan verbleekte en de Maanfee haar sterrenkinderen bij zich riep, waren er zeven kleine feeën ongehoorzaam. Ze bleven nog wat dansen... en toen het eerste licht verscheen, was het te laat. De stem van de heks had de feeën betoverd en ze dansten en dansten, terwijl het gezang van de heks over het meer klonk. Het werd lichter en lichter en de Maanfee was wanhopig. 'Kom toch,'’riep ze, 'kom toch, kinderen. Het is de hoogste tijd! We kunnen niet langer wachten!' Maar de zeven feeën hoorden haar smeekbeden niet en dansten nog steeds, toen de eerste stralen van de zon de boomtoppen verwarmden en de Maanfee zich met haar kinderen in de hemel had teruggetrokken.

De heks lachte tevreden. Eindelijk waren er dan toch zeven sterrenkinderen in de ban van haar stem gekomen. Terwijl ze onophoudelijk verder zong, verliet ze haar schuilplaats in de holle boom en smeekte ze de opkomende zon: 'Oh vorstin van de dag! Neem met uw vuurstralen de glans van die feeën weg en kleur er mijn haren mee!' En de zon ontnam de zeven sterrenkinderen hun zilverglans en schonk die aan het uitgedroogde, grauwe haar van de heks. De zeven feeën dansten door, bleek en glansloos... maar altijd nog even rank en schoon als hun sterrenzussen aan de hemel. Dat stelde de oude heks teleur. Ze mocht nu dan wel de mooiste van alle heksen zijn, die zeven kleintjes daar op het water waren nog altijd duizendmaal schoner dan zij. Uit nijd veranderde de heks hen in waterlelies.

Arme kleine sterrenkinderen! Verlangend blikten ze naar de hoge hemel en zochten daar hun koningin, de Maanfee, en hun zustertjes, de sterren. De blauwe hemel keek neer op de zeven ongelukkige feeën. Hij kon hen weliswaar hun vroegere schittering niet teruggeven, maar uit medelijden schonk hij hen een glansje van zijn zuivere blauw. Nog altijd drijven op het meer zeven witte waterlelies met een spoor van het tederste azuur in hun kelken. Slechts om middernacht geeft de heks hen hun oude, dansende gestalte terug. Maar naar de hemel kunnen ze nooit meer terug en bij het ochtendgloren veranderen ze weer in witte waterlelies, die met gesloten kelken drijven op dat kleine meer ergens in de oerwouden van India.

 

 

© 2012 - 2018 bibbi4you | sitemap | rss | webwinkel beginnen - powered by Mijnwebwinkel
Deze website maakt gebruik van cookies. Accepteren Meer informatie